LogboekenOnline®
Databankweg 6C, 3821 AL Amersfoort

Telefoon: 033 - 45 66 080

De ketting is zo sterk als de zwakste schakel

Deze veelgehoorde uitdrukking is ook van toepassing op brandcompartimentering. Het is op zich al vreemd dat de wetgever wel rekening houdt met een zekere faalkans bij installatietechnische brandpreventie, maar niet bij bouwkundige brandpreventie. Op zoek naar cijfers hierover kwam ik er snel achter dat deze nauwelijks bekend zijn.

 

Als we wel een faalkans hanteren bij een sprinklerinstallatie bijvoorbeeld – verzekeraars hebben deze onderzocht en deze blijkt zeer klein te zijn – wat dan te denken van ramen en deuren in een brandwerende scheiding, of van kabeldoorvoeren en ventilatiekanalen? Ja, het Bouwbesluit geeft aan dat deze een zelfde brandwerendheid moeten hebben als de wand waarin ze geplaatst worden en dat dit getest en gecertificeerd moet zijn.

 

Van de verbruikscijfers van autofabrikanten is inmiddels bekend dat er tijdens het testen alles aan wordt gedaan om een zo gunstig mogelijk verbruik te realiseren. Hoe zit dit dan
met het testen van brandwerend glas en brandwerende deuren? Hoe weet een gebruiker zeker dat de opgegeven brandwerendheid ook in zijn praktijksituatie gehaald wordt? Precies, dan moet alles uit de hele keten kloppen: de test, de montagewijze, het gebruik en “last but not least” de juiste periodieke controle, beheer en onderhoud.

 

Brandwerende scheiding
En als een zelfsluitende deur al niet tegen wordt gehouden door het bekende spietje en als het brandwerende glas al is geplaatst in de juiste sponning en met geteste afmetingen, dan nog hebben ze een zekere faalkans. Immers, niet elke brand volgt de gehanteerde standaardbrandkromme. En hoeveel van deze ramen, deuren en kabeldoorvoeren mogen dan in één en dezelfde brandwerende scheiding zitten om de faalkans niet te groot te laten worden? Allemaal vragen waar rekening mee gehouden moet worden en het noodzakelijk maken dat er bij het ontwerp en juist ook bij de uitvoering deskundig en onafhankelijk toezicht gehouden wordt.

 

En dan is het gebouw klaar, deskundig ontworpen en brandveilig uitgevoerd conform de NEN normen enzovoort en gaan we vervolgens het gebouw (deskundig?) gebruiken.

 

De Woningwet en het Bouwbesluit regelen dit laatste in respectievelijk artikel 1a, lid 2 en artikel 1.16 “zorgplicht”. Maar om hier invulling aan te kunnen geven, zal de gebruiker om te beginnen moeten weten wat er zoal in zijn gebouw aanwezig is op het gebied van brandveiligheid. De aanwezigheid van een brandmeld- of een sprinklerinstallatie zal het probleem niet zijn. Maar welke gebruiker weet precies waar welke brandscheiding loopt en welke WBDBO-waarde deze moet hebben en of ramen, deuren en kabeldoorvoeren door deze wand voldoen en gecontroleerd worden? Een logboekplicht is er niet meer. De wetgever heeft dit alles willen vangen onder de zorgplicht. Ga er dan als gebouweigenaar maar aan staan!

 

Digitaal logboek

Bij dezen zou ik alle gebouweigenaren en -gebruikers dan ook willen aanraden om toch (weer) een – bij voorkeur – digitaal logboek te laten opstellen en het gebouw zelf periodiek door een onafhankelijk deskundige te laten controleren. Alleen zo kunt u voldoen aan uw wettelijke zorgplicht. Het is als met verzekeringen, je hebt ze nooit nodig, maar je hebt ze wel. Voor het geval dat…

 

Bron: Brandveilig.com d.d. 23-09-2013, Frank van Elsen.



Terug naar overzicht

LogboekenOnline®


Het logboek dat niet in rook kan opgaan...



Meer informatie